Behandeling van pancreatitis
Medische disclaimer: de informatie op deze pagina is bedoeld als algemene voorlichting en vervangt geen medisch advies. Neem bij klachten altijd contact op met je huisarts of specialist.
De behandeling van pancreatitis verschilt tussen acute en chronische pancreatitis. Bij acute pancreatitis is ziekenhuisopname bijna altijd nodig met ondersteunende zorg. Chronische pancreatitis vraagt om langdurige behandeling gericht op symptoomverlichting. Er is geen medicijn dat de ontsteking stopt, maar met de juiste aanpak zijn de klachten meestal goed te beheersen.
Behandeling van acute pancreatitis
Bij acute pancreatitis is ziekenhuisopname standaard. De behandeling is vooral ondersteunend, gericht op het helpen van het lichaam om te herstellen.
Eerste 24-48 uur
De eerste dagen zijn cruciaal voor het herstel:
Vochttoediening
Dit is de belangrijkste behandeling:
- Ruim vocht via infuus (vaak 3-4 liter per dag)
- Voorkomt uitdroging en lage bloeddruk
- Verbetert de doorbloeding van de alvleesklier
- Vermindert het risico op orgaanfalen
- Type vocht: meestal Ringer lactaat of fysiologisch zout
Monitoring: nauwkeurige controle van vochtbalans, bloeddruk, hartslag en urineproductie.
Nuchter blijven
- In eerste instantie niets eten of drinken
- Geeft de alvleesklier rust
- Bij milde pancreatitis: vaak na 24 uur weer beginnen met drinken en eten
- Bij ernstige pancreatitis: langer nuchter, dan sondevoeding
Pijnstilling
Goede pijnbestrijding is essentieel:
- Eerste keus: morfine of andere opioïden
- Via intraveneus infuus of injectie
- Regelmatig én op aanvraag
- Dosering aangepast aan pijnintensiteit
- Bijwerkingen: misselijkheid, verstopping, sufheid
Misselijkheidsremmers
- Metoclopramide of ondansetron
- Vermindert braken
- Maakt je comfortabeler
Monitoring
Regelmatige controles:
- Vitale functies (elke 4-6 uur)
- Bloedonderzoek (dagelijks)
- Urineproductie (nauwkeurig bijhouden)
- Pijnscores
- Algemene toestand
Voeding
De inzichten over voeding bij pancreatitis zijn veranderd. Vroeger bleef je lang nuchter, nu begint men eerder met eten.
Bij milde acute pancreatitis
- Beginnen met eten zodra pijn en misselijkheid afnemen (vaak na 24-48 uur)
- Starten met lichte, vetarme voeding
- Geleidelijk opbouwen naar normale voeding
- Niet hoeven te wachten tot enzymen normaal zijn
Opbouwschema
- Dag 1-2: vloeibaar (water, thee, helder sap)
- Dag 2-3: vloeibaar-breiig (yoghurt, pap, soep)
- Dag 3-4: zacht, vetarm (crackers, toast, banaan)
- Dag 4+: geleidelijk uitbreiding naar normaal eten
Bij matig ernstige of ernstige pancreatitis
Als je niet kunt eten na 3-5 dagen:
- Sondevoeding: voeding via een slangetje door de neus naar de dunne darm
- Beter dan parenterale voeding (rechtstreeks in de bloedbaan)
- Houdt de darmen actief
- Vermindert infectierisico
- Start met kleine hoeveelheden, bouw langzaam op
Antibiotica
Antibiotica worden niet standaard gegeven bij acute pancreatitis:
- Niet bij milde pancreatitis - geen bewezen voordeel
- Niet profylactisch bij necrose - ook al is er necrose, geen antibiotica als er geen infectie is
- Wel bij bewezen infectie: koorts, verslechtering, positieve kweek
- Wel bij cholangitis: infectie van de galwegen door galstenen
Bij geïnfecteerde necrose: langdurige behandeling met antibiotica die goed in de alvleesklier komen (zoals carbapenems of fluorochinolonen).
Behandeling van de oorzaak
Bij galstenen
- Galstenen in de galgang met cholangitis: spoedERCP binnen 24 uur om de steen te verwijderen
- Galstenen in de galgang zonder cholangitis: ERCP binnen 72 uur
- Na herstel: galblaasverwijdering (cholecystectomie) bij hetzelfde ziekenhuisverblijf of binnen 2-4 weken
Bij alcohol
- Volledig stoppen met alcohol
- Motiverende gesprekken
- Eventueel verwijzing naar verslavingszorg
- Thiamine (vitamine B1) supplementen
Bij medicijnen
- Stoppen met het verdachte medicijn
- Alternatief zoeken indien nodig
- Nooit meer gebruiken (ook niet tijdelijk)
Bij hoge triglyceriden
- Insuline-infuus (verlaagt snel de triglyceriden)
- Plasmaferese in zeer ernstige gevallen
- Na herstel: fibraten of omega-3 vetzuren
- Vetarm dieet
- Geen alcohol
Behandeling van complicaties
Geïnfecteerde necrose
- Antibiotica
- Drainage (vaak via de huid of endoscopisch)
- Necrosectomie (chirurgisch verwijderen van dood weefsel) als drainage niet helpt
- Bij voorkeur minimaal invasieve technieken
- Operatie uitstellen tot 3-4 weken na begin (als het kan)
Pseudocysten
- Kleine cysten zonder klachten: afwachtend beleid
- Grote cysten of met klachten: drainage
- Endoscopische drainage (via maag of twaalfvingerige darm)
- Of percutane drainage (via de huid)
- Chirurgische drainage als andere methoden niet mogelijk zijn
Orgaanfalen
- Opname intensive care
- Mechanische beademing bij longfalen
- Nierfunctie vervangende therapie (dialyse) bij nierfalen
- Ondersteunende behandeling hart en bloedvaten
GLP-1 medicijnen en de alvleesklier: Gebruikt u Ozempic, Wegovy of Mounjaro? Lees dan ook over GLP-1 medicijnen en pancreatitis.
Behandeling van chronische pancreatitis
Chronische pancreatitis is niet te genezen. De behandeling richt zich op symptoomcontrole en het voorkomen van complicaties.
Leefstijlaanpassingen
Dit zijn de belangrijkste stappen:
Volledig stoppen met alcohol
- Absolute noodzaak, ook als alcohol niet de oorzaak was
- Voorkomt verdere schade
- Kan pijn verminderen
- Verbetert de prognose aanzienlijk
- Zoek hulp bij verslavingszorg indien nodig
Stoppen met roken
- Roken versnelt de progressie van chronische pancreatitis
- Verhoogt het risico op alvleesklierkanker
- Stoppen verbetert de prognose
- Nicotinevervanging of medicatie kan helpen
Pijnbehandeling
Pijn is vaak het grootste probleem bij chronische pancreatitis. Er wordt een stapsgewijze aanpak gebruikt:
Stap 1: Niet-opioïde pijnstillers
- Paracetamol: 3-4 keer per dag 500-1000 mg
- NSAID's (ibuprofen, naproxen): voorzichtig gebruiken, kan maagklachten geven
- Regelmatig innemen, niet alleen bij pijn
Stap 2: Zwakke opioïden
Als stap 1 onvoldoende werkt:
- Tramadol: 2-4 keer per dag 50-100 mg
- Codeïne: in combinatie met paracetamol
- Bijwerkingen: misselijkheid, duizeligheid, verstopping
Stap 3: Sterke opioïden
Bij ernstige pijn die niet reageert op stap 2:
- Morfine: langwerkend preparaat 2 keer per dag
- Oxycodon: langwerkend 2 keer per dag
- Fentanyl: als pleister op de huid
- Altijd gecombineerd met laxeermiddelen (tegen verstopping)
- Risico op afhankelijkheid bij langdurig gebruik
Aanvullende pijnbehandeling
- Pancreasenzympreparaten: kunnen pijn verminderen (neem hoge doses)
- Antidepressiva: amitriptyline of nortriptyline voor zenuwpijn
- Anti-epileptica: pregabaline of gabapentine voor zenuwpijn
- Antioxidanten: mogelijk effect, bewijs nog beperkt
Interventionele pijnbehandeling
Bij therapieresistente pijn:
- Celiac plexus block: blokkade van zenuwvlecht via echo of CT-geleiding, effect 3-6 maanden
- Epidurale pijnstilling: katheter in de rug
- Neurolyse: vernietigen van zenuwweefsel
Behandeling van verteringsproblemen
Pancreasenzympreparaten
Dit is de hoeksteen van de behandeling bij exocriene insufficiëntie:
Merken in Nederland:
- Creon (meest voorgeschreven)
- Panzytrat
- Pangrol
Dosering:
- Start met 25.000-40.000 eenheden lipase per maaltijd
- 10.000-25.000 eenheden bij tussendoortje
- Aanpassen op basis van klachten en ontlasting
- Sommige mensen hebben tot 80.000-100.000 eenheden per maaltijd nodig
Hoe innemen?
- Tijdens of direct na de maaltijd
- Capsules niet openen of fijnmaken
- Bij grote maaltijd: helft aan het begin, helft halverwege
- Slikken met voldoende vocht
Maagzuurremmers: soms toegevoegd om de werking van enzymen te verbeteren (omeprazol, pantoprazol).
Dieetadviezen
- Niet te vetarm (je hebt calorieën nodig)
- Wel gezonde vetten (vis, noten, olijfolie)
- 5-6 kleine maaltijden per dag
- Vermijd grote, zware maaltijden
- Voldoende eiwitten (vlees, vis, zuivel, peulvruchten)
- Complexe koolhydraten (volkoren, bruine rijst)
Vitaminesupplementen
Bij malabsorptie zijn vaak aanvullingen nodig:
- Vetoplosbare vitamines: A, D, E, K (dagelijks)
- Vitamine B12: bij tekort (injecties)
- IJzer: bij bloedarmoede
- Calcium en vitamine D: voor de botten
- Jaarlijkse controle van vitamines in het bloed
Behandeling van diabetes type 3c
Diabetes bij chronische pancreatitis is lastig te behandelen:
Insulinetherapie
- Meestal nodig (orale middelen werken vaak niet goed)
- Combinatie van langwerkende en snelwerkende insuline
- Lage startdoses (risico op hypo's is groot)
- Frequent bloedsuiker meten
- Educatie over herkennen en behandelen van hypo's
Waarom is het lastig?
- Zowel insuline als glucagon ontbreken
- Hoog risico op gevaarlijke hypo's
- Onvoorspelbare opname van voedingsstoffen
- Wisselende eetpatronen door buikklachten
Behandeldoelen
- HbA1c: 53-58 mmol/mol (vaak minder streng dan bij diabetes type 1/2)
- Voorkomen van hypo's is belangrijker dan strak reguleren
- Goede educatie en zelfmanagement essentieel
Chirurgische behandeling
Bij ernstige, therapieresistente pijn of complicaties kan een operatie overwogen worden:
Drainage-operaties
Laterale pancreatojejunostomie (operatie volgens Puestow):
- Bij verwijde alvleeskliergang (meer dan 7 mm)
- De gang wordt geopend en aan een darmlus vastgemaakt
- Pijn vermindert bij 60-80% van de patiënten
- Effect houdt meestal enkele jaren aan
Resectie (verwijdering)
- Whipple operatie: bij ontsteking van de kop van de alvleesklier
- Distale pancreatectomie: verwijdering van staart en lichaam
- Totale pancreatectomie: bij zeer ernstige gevallen
Totale pancreatectomie met autologe eilandjes transplantatie (TPIAT)
- De volledige alvleesklier wordt verwijderd
- De insulineproducerende cellen worden geïsoleerd
- Deze cellen worden in de lever geïnjecteerd
- Doel: pijn wegnemen én geen insuline-afhankelijke diabetes
- Alleen in gespecialiseerde centra
- Resultaten wisselend: 30-50% heeft geen insuline meer nodig
Endoscopische behandeling
- ERCP met stentplaatsing bij vernauwing van de gang
- ESWL (shock wave therapy) bij grote stenen in de gang
- Drainage van pseudocysten
- Minder invasief dan operatie
- Vaak meerdere procedures nodig
Multidisciplinaire aanpak
Behandeling van pancreatitis vraagt vaak om samenwerking tussen verschillende specialisten:
- MDL-arts: coördinatie van de behandeling
- Chirurg: bij operaties
- Radioloog: beeldvorming en interventies
- Pijnspecialist: bij moeilijk behandelbare pijn
- Diëtist: voedingsadvies en -begeleiding
- Diabetesverpleegkundige: bij diabetes type 3c
- Psycholoog: bij depressie, angst of verslavingsproblematiek
- Maatschappelijk werker: voor praktische ondersteuning
Experimentele behandelingen
Er wordt onderzoek gedaan naar nieuwe behandelingen:
- Antioxidanttherapie
- Anti-fibrose middelen
- Stamceltherapie
- Nieuwe pijnmedicatie
- Verbeterde enzympreparaten
Deze behandelingen zijn nog niet standaard beschikbaar.
Gerelateerde onderwerpen
Bronnen
- Working Group IAP/APA Acute Pancreatitis Guidelines. IAP/APA evidence-based guidelines for the management of acute pancreatitis. Pancreatology. 2013
- Tenner S, et al. American College of Gastroenterology guideline: management of acute pancreatitis. American Journal of Gastroenterology. 2013
- Löhr JM, et al. United European Gastroenterology evidence-based guidelines for the diagnosis and therapy of chronic pancreatitis (HaPanEU). United European Gastroenterology Journal. 2017
- Crockett SD, et al. American Gastroenterological Association Institute Guideline on Initial Management of Acute Pancreatitis. Gastroenterology. 2018
- Drewes AM, et al. Guidelines for the understanding and management of pain in chronic pancreatitis. Pancreatology. 2017
- Nederlandse Vereniging voor Maag-Darm-Leverartsen - Richtlijnen Pancreatitis
Laatst bijgewerkt: