Aandoeningen van de alvleesklier

Medische disclaimer: De informatie op deze pagina is bedoeld als algemene voorlichting en vervangt geen professioneel medisch advies. Raadpleeg bij klachten altijd je huisarts of specialist.

De alvleesklier is een belangrijk orgaan dat een cruciale rol speelt bij de spijsvertering en de regulatie van je bloedsuikerspiegel. Wanneer dit orgaan niet goed functioneert, kunnen verschillende aandoeningen ontstaan. Deze aandoeningen variëren van acute ontstekingen tot chronische problemen en zelfs kanker.

Op deze pagina vind je een compleet overzicht van de belangrijkste alvleesklieraandoeningen, hun kenmerken, hoe ze zich uiten en wat je eraan kunt doen.

Pancreatitis: ontsteking van de alvleesklier

Pancreatitis is een ontsteking van de alvleesklier die in twee vormen voorkomt: acuut en chronisch. Het is een van de meest voorkomende aandoeningen van dit orgaan en kan van mild tot levensbedreigend zijn.

Acute pancreatitis

Bij acute pancreatitis ontstaat plotseling een ontsteking van de alvleesklier. De spijsverteringsenzymen die normaal gesproken pas in de darmen actief worden, raken al in de alvleesklier zelf geactiveerd. Hierdoor begint het orgaan zichzelf te verteren.

Belangrijkste oorzaken:

  • Galstenen (40% van de gevallen) - een galsteen blokkeert de gemeenschappelijke afvoergang
  • Overmatig alcoholgebruik (30% van de gevallen)
  • Bepaalde medicijnen
  • Hoge triglyceriden in het bloed
  • Traumatisch letsel aan de buik
  • ERCP-procedure (endoscopisch onderzoek)

Herkenbare symptomen:

  • Plotselinge, hevige pijn in de bovenbuik die uitstraalt naar de rug
  • Misselijkheid en braken
  • Koorts
  • Opgezwollen, gevoelige buik
  • Versnelde hartslag

Acute pancreatitis is een medisch noodgeval dat ziekenhuisopname vereist. De behandeling richt zich op pijnbestrijding, vochttoediening via een infuus en het laten rusten van de alvleesklier door tijdelijk niet te eten.

Chronische pancreatitis

Bij chronische pancreatitis is er sprake van een blijvende ontsteking die geleidelijk het weefsel van de alvleesklier beschadigt. Dit leidt tot littekens en permanent verlies van functie. De alvleesklier kan uiteindelijk niet meer genoeg enzymen en hormonen produceren.

Belangrijkste oorzaken:

  • Langdurig overmatig alcoholgebruik (70-80% van de gevallen)
  • Herhaalde aanvallen van acute pancreatitis
  • Genetische factoren (erfelijke pancreatitis)
  • Auto-immuunpancreatitis
  • Verstopte afvoergang

Herkenbare symptomen:

  • Terugkerende of aanhoudende pijn in de bovenbuik
  • Gewichtsverlies zonder te diëten
  • Vette, stinkende ontlasting die slecht doorspoelt
  • Misselijkheid en braken
  • Diabetes (als de insulineproducerende cellen beschadigd zijn)

De behandeling van chronische pancreatitis richt zich op pijnbestrijding, het aanvullen van enzymen via medicatie, voedingsadvies en het stoppen met alcohol. Lees meer over pancreatitis.

Alvleesklierkanker: een agressieve tumor

Alvleesklierkanker is een van de meest agressieve vormen van kanker. De tumor ontstaat wanneer cellen in de alvleesklier ongecontroleerd gaan groeien. Het grote probleem is dat deze kanker vaak pas in een laat stadium wordt ontdekt, omdat de symptomen in het begin vaak vaag zijn of ontbreken.

Soorten alvleesklierkanker

De meest voorkomende vorm (95% van de gevallen) is pancreascarcinoom, een tumor die ontstaat in de cellen van de alvleeskliergangen. Andere zeldzamere vormen zijn neuro-endocriene tumoren, die ontstaan in de hormoonproducerende cellen.

Risicofactoren

Hoewel de exacte oorzaak vaak onduidelijk is, zijn er wel bekende risicofactoren:

  • Roken (verdubbelt het risico)
  • Chronische pancreatitis
  • Diabetes type 2
  • Overgewicht en obesitas
  • Leeftijd (vooral boven de 60 jaar)
  • Erfelijke factoren (5-10% van de gevallen)
  • Langdurig overmatig alcoholgebruik

Symptomen

Alvleesklierkanker heeft vaak pas in een later stadium duidelijke symptomen. Let op de volgende signalen:

  • Pijn in de bovenbuik of rug
  • Onverklaarbaar gewichtsverlies
  • Geelzucht (gelige verkleuring van huid en oogwit)
  • Verlies van eetlust
  • Misselijkheid
  • Veranderingen in de ontlasting (lichte kleur, vette ontlasting)
  • Donkere urine
  • Jeuk over het hele lichaam
  • Plotseling optredende diabetes

Diagnose en behandeling

Voor de diagnose worden verschillende onderzoeken ingezet: bloedtesten, CT-scan, MRI, echo, en soms endoscopisch onderzoek (EUS) of biopt. De behandeling hangt af van het stadium waarin de kanker wordt ontdekt:

  • Operatie - alleen mogelijk als de tumor niet is uitgezaaid (10-20% van de gevallen)
  • Chemotherapie - kan zowel voor als na een operatie worden gegeven, of als de tumor niet operabel is
  • Bestraling - soms in combinatie met chemotherapie
  • Palliatieve zorg - gericht op symptoombestrijding en kwaliteit van leven

De prognose van alvleesklierkanker is helaas vaak ongunstig, vooral als de ziekte pas in een laat stadium wordt ontdekt. Daarom is vroege detectie cruciaal. Lees meer over alvleesklierkanker.

Diabetes type 3c: diabetes door alvleesklierziekte

Diabetes type 3c is een vorm van diabetes die ontstaat als gevolg van schade aan de alvleesklier. In tegenstelling tot type 1 (auto-immuun) en type 2 (insulineresistentie), wordt type 3c veroorzaakt door aandoeningen van de alvleesklier zelf. Deze vorm wordt ook wel pancreatogene diabetes genoemd.

Hoe ontstaat diabetes type 3c?

De alvleesklier produceert insuline via de bètacellen in de eilandjes van Langerhans. Wanneer de alvleesklier beschadigd raakt door ontsteking, een tumor of een andere aandoening, kunnen deze insulineproducerende cellen verloren gaan. Het resultaat is een tekort aan insuline en dus diabetes.

Het bijzondere aan type 3c is dat er vaak ook een tekort is aan glucagon (het hormoon dat de bloedsuiker juist verhoogt) en aan spijsverteringsenzymen. Dit maakt de regulatie van de bloedsuiker extra complex.

Oorzaken

Diabetes type 3c kan ontstaan door:

  • Chronische pancreatitis (de meest voorkomende oorzaak)
  • Alvleesklierkanker
  • Cystische fibrose
  • Hemochromatose (ijzerstapeling)
  • Chirurgische verwijdering van (een deel van) de alvleesklier
  • Ernstig trauma aan de alvleesklier

Symptomen

De symptomen lijken op die van andere vormen van diabetes, maar zijn vaak gecombineerd met spijsverteringsproblemen:

  • Verhoogde bloedsuikerspiegel
  • Dorst en veel plassen
  • Vermoeidheid
  • Gewichtsverlies
  • Vette, stinkende ontlasting (door gebrek aan enzymen)
  • Buikpijn
  • Risico op zowel te hoge als te lage bloedsuikers

Behandeling

De behandeling van diabetes type 3c vereist vaak een combinatie van:

  • Insuline (bijna altijd nodig)
  • Enzympreparaten bij de maaltijd
  • Voedingsadvies van een diëtist
  • Regelmatige controle van bloedsuikers
  • Behandeling van de onderliggende alvleesklieraandoening

Omdat type 3c vaak minder bekend is dan type 1 en 2, wordt het soms pas laat of verkeerd gediagnosticeerd. Het is belangrijk dat artsen bij diabetespatiënten met een geschiedenis van alvleesklierziekte alert zijn op deze vorm. Lees meer over diabetes type 3c.

Cysten: vochthoudende blaasjes

Een cyste is een vochthoudend blaasje in of op de alvleesklier. Cysten kunnen variëren van enkele millimeters tot meerdere centimeters groot. Ze worden steeds vaker ontdekt, vaak toevallig bij scans die om een andere reden worden gemaakt.

Soorten cysten

Er zijn verschillende soorten cysten, en niet alle zijn gevaarlijk:

Goedaardige cysten:

  • Pseudocysten - ontstaan na een aanval van pancreatitis; bevatten enzymen en ontstekingsvocht
  • Sereuze cysteadenomen - meestal klein en goedaardig; bevatten waterachtig vocht

Potentieel kwaadaardige cysten:

  • Mucineuse cysten (IPMN en MCN) - kunnen voorlopers zijn van kanker en vereisen soms behandeling
  • Solide pseudopapillaire tumoren - zeldzaam, komen vooral voor bij jonge vrouwen

Symptomen

Veel cysten geven geen klachten en worden toevallig ontdekt. Grotere cysten kunnen wel symptomen veroorzaken:

  • Pijn in de bovenbuik
  • Misselijkheid
  • Gevoel van volheid
  • Geelzucht (als de cyste de galafvoer blokkeert)

Wanneer is behandeling nodig?

Niet alle cysten hoeven behandeld te worden. De beslissing hangt af van:

  • Het type cyste
  • De grootte (cysten boven 3 cm krijgen meer aandacht)
  • De groei over tijd
  • De aanwezigheid van verdachte kenmerken
  • Of er klachten zijn

Behandelopties zijn onder andere drainage (bij pseudocysten), chirurgische verwijdering (bij verdenking op kwaadaardigheid) of regelmatige controle via scans. Lees meer over cysten.

Exocriene insufficiëntie: tekort aan enzymen

Exocriene insufficiëntie betekent dat de alvleesklier niet meer genoeg spijsverteringsenzymen produceert. Hierdoor kan je lichaam voedingsstoffen - vooral vetten - niet goed verteren en opnemen. Dit leidt tot ondervoeding, ondanks dat je normaal eet.

Oorzaken

Exocriene insufficiëntie ontstaat meestal als gevolg van andere alvleesklieraandoeningen:

  • Chronische pancreatitis (de meest voorkomende oorzaak)
  • Cystische fibrose
  • Alvleesklierkanker
  • Chirurgische verwijdering van (een deel van) de alvleesklier
  • Verstopping van de alvleeskliergang
  • Zeldzame erfelijke aandoeningen

Symptomen

De belangrijkste symptomen zijn gerelateerd aan slechte vetvertering:

  • Steatorrroe: vette, glimmende ontlasting die moeilijk doorspoelt
  • Stinkende, volumineuse ontlasting
  • Buikpijn en krampen
  • Opgeblazen gevoel en gasvorming
  • Gewichtsverlies
  • Diarree
  • Tekorten aan vetoplosbare vitamines (A, D, E, K)
  • Botontkalking (door vitamine D-tekort)

Diagnose

De diagnose wordt gesteld via:

  • Ontlastingsonderzoek (meten van elastase of vet in de ontlasting)
  • Bloedonderzoek (vitaminespiegels)
  • Beeldvormend onderzoek van de alvleesklier
  • Soms een ademtest

Behandeling

Gelukkig is exocriene insufficiëntie goed te behandelen met:

  • Enzymvervangende therapie - capsules met spijsverteringsenzymen bij elke maaltijd
  • Voedingsadvies - voldoende calorieën en eiwitten, soms extra vetoplosbare vitamines
  • Behandeling van de onderliggende oorzaak waar mogelijk

Met de juiste behandeling kunnen de meeste mensen met exocriene insufficiëntie een normale voedingstoestand behouden en een goede kwaliteit van leven hebben. Lees meer over exocriene insufficiëntie.

Andere aandoeningen

Naast de hierboven beschreven hoofdaandoeningen zijn er nog enkele zeldzamere problemen die de alvleesklier kunnen treffen:

Auto-immuunpancreatitis

Dit is een vorm van chronische pancreatitis waarbij het immuunsysteem de alvleesklier aanvalt. Het komt in twee typen voor en reageert vaak goed op behandeling met corticosteroïden.

Erfelijke pancreatitis

Bij sommige mensen veroorzaken genetische mutaties terugkerende aanvallen van pancreatitis, vaak al op jonge leeftijd. Dit verhoogt het risico op chronische pancreatitis en alvleesklierkanker.

Cystische fibrose

Deze erfelijke aandoening veroorzaakt dikke slijmproductie in verschillende organen, waaronder de alvleesklier. Dit kan leiden tot verstopping van de afvoergangen en exocriene insufficiëntie.

Trauma

Letsel aan de alvleesklier door bijvoorbeeld een auto-ongeluk of een stoot tegen het stuur kan acute pancreatitis veroorzaken.

Wanneer moet je naar de dokter?

Neem contact op met je huisarts als je een of meer van de volgende symptomen ervaart:

  • Aanhoudende of terugkerende pijn in de bovenbuik
  • Onverklaarbaar gewichtsverlies
  • Geelzucht (gele verkleuring van huid of ogen)
  • Aanhoudende misselijkheid of braken
  • Vette, stinkende ontlasting die niet wegtrekt
  • Plotselinge, ernstige buikpijn met koorts

Bij acute, hevige buikpijn met braken en koorts is het belangrijk om direct medische hulp te zoeken, want dit kan wijzen op acute pancreatitis - een potentieel levensbedreigende situatie.

Kun je alvleesklieraandoeningen voorkomen?

Niet alle alvleesklieraandoeningen zijn te voorkomen, maar je kunt wel je risico verlagen:

  • Beperk je alcoholgebruik - overmatig alcohol is een belangrijke oorzaak van pancreatitis
  • Stop met roken - roken verhoogt het risico op zowel pancreatitis als alvleesklierkanker aanzienlijk
  • Houd een gezond gewicht - overgewicht verhoogt het risico op verschillende aandoeningen
  • Eet gezond - een voedingspatroon rijk aan groenten, fruit en volkoren producten en arm aan rood vlees en bewerkt vlees
  • Behandel galstenen tijdig - galstenen zijn een belangrijke oorzaak van acute pancreatitis
  • Houd je triglyceriden onder controle - als je verhoogde waardes hebt

Leven met een alvleesklieraandoening

Een diagnose van een alvleesklieraandoening kan ingrijpend zijn. Het kan betekenen dat je aanpassingen moet maken in je levensstijl, medicijnen moet gebruiken en regelmatig moet controleren. Gelukkig zijn er voor de meeste aandoeningen goede behandelmogelijkheden die je kwaliteit van leven kunnen verbeteren.

Belangrijke aspecten bij het leven met een alvleesklieraandoening:

  • Goede begeleiding - werk samen met je maag-darm-leverarts (MDL-arts) en eventueel andere specialisten
  • Voedingsadvies - een gespecialiseerde diëtist kan je helpen met de juiste voeding
  • Medicatietrouw - neem voorgeschreven enzymen en andere medicijnen volgens voorschrift
  • Pijnbeheersing - zoek naar effectieve pijnbestrijding als je last hebt van chronische pijn
  • Psychologische ondersteuning - een chronische ziekte kan zwaar zijn, aarzel niet om hulp te zoeken
  • Steungroepen - contact met lotgenoten kan waardevol zijn

Galblaas en galstenen

De galblaas is nauw verbonden met de alvleesklier. Galstenen zijn een belangrijke oorzaak van acute pancreatitis doordat ze de gemeenschappelijke afvoergang kunnen blokkeren.

Diabetes type 1

Diabetes type 1 is een auto-immuunziekte waarbij de alvleesklier geen insuline meer aanmaakt. De betacellen worden door het eigen immuunsysteem aangevallen.

Diabetes type 2

De alvleesklier speelt een centrale rol bij diabetes. De bètacellen in de eilandjes van Langerhans produceren insuline. Bij diabetes type 2 raken deze cellen uitgeput en werkt insuline minder goed.

Obesitas en overgewicht

Obesitas heeft een directe invloed op de alvleesklier en vergroot de kans op pancreatitis, diabetes type 2 en alvleesklierkanker.

Buikpijn

Buikpijn kan veel oorzaken hebben, waaronder problemen met de alvleesklier. De locatie van de pijn geeft vaak een aanwijzing over de mogelijke oorzaak.

Vetlever (NAFLD/NASH)

Vetlever is nauw verbonden met de alvleesklier via het metabolisch syndroom en diabetes type 2. Een vetlever kan leiden tot ernstige leverziekte.

Maagklachten

De maag ligt direct voor de alvleesklier en werkt nauw samen bij de spijsvertering. Maagklachten kunnen lijken op alvleesklierklachten of ermee samenhangen.

Gerelateerde pagina's

Bronnen

  • Nederlandse Vereniging voor Maag-Darm-Leverartsen (MDL). Richtlijn Acute en Chronische Pancreatitis.
  • KWF Kankerbestrijding. Informatie over alvleesklierkanker.
  • Maag Lever Darm Stichting. Patiënteninformatie over alvleesklieraandoeningen.
  • Forsmark, C.E. (2021). Pancreatitis and Its Complications. Gastroenterology Clinics of North America.
  • Chari, S.T. et al. (2020). Pancreatic Cancer. The Lancet.
  • Hart, P.A. & Bellin, M.D. (2019). Type 3c Diabetes Mellitus. Diabetes Care.
  • European Study Group on Cystic Tumours of the Pancreas. European guidelines on pancreatic cystic neoplasms.
  • Domínguez-Muñoz, J.E. (2020). Pancreatic Exocrine Insufficiency. Current Gastroenterology Reports.

Laatst bijgewerkt: